Herhaal het mechanisme, de indicaties, bijwerkingen, waarschuwingen en interacties van fluoxetine met een studiekaart met bronnen.
Generieke naam?
Fluoxetine
Geneesmiddelgroep?
Selectieve serotonineheropnameremmer (SSRI)
Werkingsmechanisme
Het precieze mechanisme is onbekend; vermoed wordt dat het verband houdt met remming van de neuronale opname van serotonine in het centrale zenuwstelsel.
Toepassingen
Depressieve stoornis bij volwassenen en kinderen vanaf 8 jaar; Obsessieve-compulsieve stoornis bij volwassenen en kinderen vanaf 7 jaar; Eetbuien en braken bij volwassenen met matige tot ernstige boulimia nervosa; Paniekstoornis bij volwassenen
Merkvragen gebruiken alleen naamcombinaties die zijn gecontroleerd aan de hand van de gekoppelde productbron. Onbevestigde combinaties worden uit deze vragen weggelaten; de overige leerstof blijft beschikbaar.
Datum van de bron: 20260820 · Studiemateriaal, geen basis voor klinische beslissingen. Merknamen en productinformatie hebben betrekking op de Verenigde Staten. Raadpleeg altijd de actuele bron.
Bronbestand gecontroleerd op: 2026-10-21. Het brondocument en geselecteerde velden zijn vergeleken. De volledige kaart heeft geen onafhankelijke klinische beoordeling gehad.
Werkingsmechanisme: Het S-enantiomeer van citalopram remt de neuronale heropname van serotonine. De antidepressieve werking houdt vermoedelijk verband met een verhoogde serotonerge activiteit in het centrale zenuwstelsel.
Op beide kaarten: Vaak voorkomende bijwerkingen — Misselijkheid; Slapeloosheid · Waarschuwingen — Serotoninesyndroom
Alleen op de kaart van Escitalopram: Toepassingen — Depressieve stoornis (major depression) bij volwassenen en kinderen vanaf 12 jaar; Gegeneraliseerde angststoornis bij volwassenen · Vaak voorkomende bijwerkingen — Ejaculatiestoornis; Toegenomen zweten; Vermoeidheid, slaperigheid · Waarschuwingen — Hyponatriëmie; Verhoogd bloedingsrisico · Interacties — MAO-remmers (waaronder linezolid en intraveneus methyleenblauw); Pimozide; NSAID’s, aspirine, warfarine
Werkingsmechanisme: Verondersteld wordt dat remming van de neuronale heropname van serotonine (5-HT) de serotonerge activiteit in het centrale zenuwstelsel versterkt.
Op beide kaarten: Vaak voorkomende bijwerkingen — Misselijkheid; Slaperigheid · Waarschuwingen — Serotoninesyndroom
Alleen op de kaart van Paroxetine: Toepassingen — Depressieve stoornis (MDD) bij volwassenen; Obsessieve-compulsieve stoornis en paniekstoornis bij volwassenen; Sociale angststoornis en gegeneraliseerde angststoornis bij volwassenen; Posttraumatische stressstoornis bij volwassenen · Vaak voorkomende bijwerkingen — Abnormale ejaculatie; Droge mond; Zweten · Waarschuwingen — Embryofoetale toxiciteit; Verhoogd bloedingsrisico · Interacties — MAO-remmers (gecontra-indiceerd); Thioridazine / pimozide (gecontra-indiceerd); Anticoagulantia / NSAID’s
Werkingsmechanisme: Versterkt de serotonerge activiteit in het centrale zenuwstelsel door de neuronale heropname van serotonine (5-HT) te remmen.
Op beide kaarten: Vaak voorkomende bijwerkingen — Misselijkheid · Waarschuwingen — Serotoninesyndroom
Alleen op de kaart van Sertraline: Toepassingen — Depressieve stoornis (major depression) bij volwassenen; Obsessieve-compulsieve stoornis bij volwassenen en kinderen van 6–17 jaar; Paniekstoornis, posttraumatische stressstoornis of sociale angststoornis bij volwassenen; Premenstruele dysfore stoornis bij volwassenen · Vaak voorkomende bijwerkingen — Diarree / dunne ontlasting; Tremor; Overmatig zweten; Uitblijven van ejaculatie · Waarschuwingen — Verhoogd bloedingsrisico; Activering van manie / hypomanie · Interacties — MAO-remmers (waaronder linezolid en intraveneus methyleenblauw); Pimozide; Warfarine en andere eiwitgebonden geneesmiddelen
Een punt telt alleen als gedeeld wanneer beide kaarten het hetzelfde formuleren. Staat iets niet op een kaart, dan betekent dat niet dat het effect nooit optreedt.
Waarschuwingen in kader op verwante kaarten
Sertraline: Antidepressiva verhoogden het risico op suïcidale gedachten en suïcidaal gedrag bij pediatrische patiënten en jongvolwassenen.
Escitalopram: Antidepressiva verhoogden het risico op suïcidale gedachten en suïcidaal gedrag bij pediatrische patiënten en jongvolwassenen.
Citalopram: Antidepressiva verhoogden het risico op suïcidale gedachten en gedrag bij pediatrische patiënten en jongvolwassenen; citalopram is niet goedgekeurd voor pediatrisch gebruik.
Paroxetine: Antidepressiva verhoogden suïcidale gedachten en gedrag bij pediatrische patiënten en jongvolwassenen.
Wil je ons helpen deze hulpmiddelen te verbeteren?
Met optionele statistieken zien we welke hulpmiddelen nuttig zijn. Antwoorden, projectnamen en afmetingen worden niet verstuurd. De hulpmiddelen werken bij beide keuzes.